Integrale teams in de thuiszorg levert RUST èn kwaliteit

Integrale teams in de thuiszorg levert RUST èn kwaliteit

2017-11-20T15:34:33+00:00

Groei van de zorgvraag, afnemende budgetten en onvoldoende personeel.

De behoefte aan zorg en ondersteuning bij ouderen thuis zal de komende jaren alleen maar toenemen. Meer chronisch zieken en kwetsbare ouderen stromen in. Volgens de CBS Bevolkingsprognose zal het aantal 65-plussers groeien: waren er in 2012 nog 2,7 miljoen 65-plussers, in 2041 zullen dat er 4,7 miljoen zijn.

Met de toename van het aantal ouderen stijgt ook de zorgvraag. Van de mensen van 65 jaar en ouder heeft 70 procent een chronische ziekte. Van de mensen van 75 jaar en ouder heeft de helft meer dan één chronische ziekte. Van de mensen van 75 jaar en ouder met een chronische ziekte, heeft 63 procent twee of meer chronische ziekten en 32 procent drie of meer. Daardoor stijgt het zorgvolume met ongeveer 4 procent per jaar (www.zorgvoorbeter.nl).

Daarnaast lopen de budgetten in de thuiszorg ook al een aantal jaren terug. Tarieven die zorgorganisaties ontvangen van zorgverzekeraars lopen terug en dekken niet de werkelijke zorgkosten zodat ook de mogelijkheid voor vernieuwing in de knel komt (www.zorgwelzijn.nl).

Volgens de V&VN lopen de personeelstekorten in de zorg verder op. Tot 2020 zijn er 20.000 extra verpleegkundigen en verzorgenden nodig. (www.venvn.nl). De problematiek is dus extra complex: groei van de zorgvraag, afnemende budgetten en onvoldoende personeel dus we moeten wel hele creatieve oplossingen kunnen inzetten om in de thuiszorg te overleven. Overleven is één, maar daarnaast willen ook kwalitatief goede en verantwoorde zorg leveren. Parallel hiermee willen we de zorg ook aantrekkelijk maken voor jongen mensen zodat het geen uitstervend ras gaat worden.

Integrale teams.

Van oudsher is de zorg georganiseerd in producten en diensten, zoals verpleging, verzorging, hulp bij het huishouden. Bekostiging en regelgeving loopt ook vaak op deze manier. De systemen, regels en financieringsbronnen zijn in deze leidend. Organisaties leveren productieoverzichten aan de financiers en afhankelijk van de gemaakte tariefafspraken en ingestelde productieplafonds wordt de organisatie gefinancierd. Zowel zorgorganisaties en financiers hebben vaak mooie visies waarbij de ‘cliënt centraal staat’, maar de praktijk laat zich vooral leiden en sturen op basis van cijfers en gegevens en dat is eigenlijk heel raar.

De behoeften en wensen van de cliënt zouden werkelijk leidend moeten zijn voor een goede en verantwoorde zorg. Cliënten willen een goed en fijn leven hebben met de mogelijkheden die ze lichamelijk, geestelijk en sociaal hebben. Soms hebben ze daarbij wat ondersteuning, begeleiding of tips nodig.

We hebben het in Nederland in de thuiszorg zo georganiseerd, dat voor de gebieden zorg, huishouding en welzijn aparte professionals langskomen met ieder hun eigen taken en verantwoordelijkheden. Dat bemoeilijkt samenwerking en gegevensdeling. Professionals zouden niet beperkt moeten worden door regels over wat wel en niet uitgevoerd mag worden, maar zich moeten laten leiden vanuit het perspectief van de cliënt. We moeten dan wel afscheid durven nemen van de medisch onderbouwde grondslagen die zijn oorsprong kennen uit de vroegere AWBZ. Hier komt ook het doelgroepenbeleid uit voort dat mede bepaald uit welke pot (WMO, WLZ of ZVW) je als burger aanspraak kan maken als je ondersteuning nodig hebt.Een ondersteuningsvraag van een cliënt kan ook anders bekeken worden. In mijn optiek zijn er in deze twee centrale vragen, die bepalen hoe ‘het goede en fijne leven’ van een cliënt eruit ziet. Die vragen zijn:

  • Hoe is het met de zelfredzaamheid van de cliënt?
  • Wat is de kwaliteit van het sociale netwerk van de cliënt?

Die laatste vraag kan ook worden vertaald in termen van isolatie en eenzaamheid.

Hoe verder?

Door binnen een thuiszorgteam integraal samen te werken met medewerkers die vanuit verschillende perspectieven naar een cliënt kijken: zorg, welzijn en huishouding kan er echt vanuit de behoeften en wensen vanuit de cliënt gewerkt worden. Als een nieuwe cliënt zich meld bij het integrale thuiszorgteam, zou een van de medewerkers van het team kunnen gaan bespreken en bekijken wat deze cliënt nodig heeft. Denk daarbij aan b.v. wondverzorging, regelmatig en gezond eten, beweging en interactie met anderen o.a. door deelname aan een groepsactiviteiten in de buurt.

De opvolgende vragen zijn;

  • Wie of welke collega’s uit mijn team kunnen deze ondersteuning het beste verlenen?
  • Hoe gaan we dit dan verder met de cliënt en ook in samenspraak met de familie organiseren?
  • Wat gaat deze dienstverlening kosten en tot slot hoeveel centjes heeft de cliënt in zijn potje om de dienstverlening te betalen?
  • En, gebruiken we een optelsom van middelen uit diverse financieringsbronnen als b.v. WMO en ZVW of moeten we gaan bijstellen c.q. veranderen, een andere aanpak kiezen?

Zo’n manier van werken met cliënten zorgt voor meer tevreden cliënten en ook voor meer tevreden medewerkers. Cliënten zullen meer tevreden zijn omdat ze een persoonlijke en op maat gemaakte ondersteuning krijgen en medewerkers omdat ze nu veel meer in gezamenlijkheid keuzes kunnen maken die aansluiten bij de cliënt. Niet de administratieve systemen of de financieringssystematiek zijn leidend, maar de ondersteuningsvraag van de cliënt. Deze manier van werken levert ‘rust en kwaliteit’ op waarmee we gemakkelijker de uitdaging van de toekomst ‘meer ouderen met zorgvragen, minder budget en onvoldoende personeel in de zorg’ aankunnen.

Auteur: Vincent Bakx, ConsultCare, oktober 2017